WETSVOORSTEL: RECHT OP ONBEREIKBAARHEID

WETSVOORSTEL: RECHT OP ONBEREIKBAARHEID

 

Op 18 februari 2019 heeft kamerlid Van Dijk (PvdA) het wetsvoorstel ‘Wet op het recht op onbereikbaarheid’ ingediend (gepubliceerd, zie https://www.internetconsultatie.nl/rechtoponbereikbaarheid). Het wetsvoorstel heeft als doel om ‘technostress’ bij werknemers te voorkomen. Dit is werkdruk die door werknemers ervaren wordt als gevolg van de continue werk gerelateerde e-mail en berichtenstroom die binnenkomt, en waarop werknemers denken/het gevoel hebben direct te moeten reageren. Werkstress is beroepsziekte nummer één in Nederland. Dit is kostbaar en kan met een juist beleid van werkgevers ten dele voorkomen worden. In deze bijdrage wordt eerst de achtergrond van het probleem geschetst, daarna het wetsvoorstel van Van Dijk behandeld en tot slot worden enkele tips voor werkgevers gegeven om – vooruitlopend op, tevens in lijn met, het wetsvoorstel – de negatieve gevolgen van technostress bij werknemers bespreekbaar te maken en te verminderen.

De problematiek

Werk en privé lopen in de huidige tijd steeds meer door elkaar heen. Vooral de jongere werknemer (tot 35 jaar) is veel meer e-mails gaan sturen. In 2002 keek 10% van de werknemers buiten werktijd naar e-mail, in 2018 is dan 50% (CBS, ‘Internet; toegang, gebruik en faciliteiten’).

Dat heeft voordelen (denk aan: efficiëntie, en de mogelijkheid tot thuiswerken), maar het heeft ook een keerzijde. Eén op de zeven werknemers heeft het gevoel altijd ‘aan’ te staan, wat ertoe kan leiden dat werknemers het werk niet meer los kunnen laten, wat als gevolg kan hebben dat werknemers burn-out raken.  

Neurowetenschapper Erik Scherder zei over dit thema tijdens de uitzending Jinek op 4 februari jl. (geparafraseerd) dat een aantal delen van de hersenen zeer gevoelig is voor stress. Bij voortdurende stress gaat het functioneren van de werknemer achteruit, waardoor angst en depressie op de loer liggen. Daarnaast geldt dat als je vaak gestoord wordt, het ‘defaultnetwerk’ (ook wel: terugvalnetwerk) in de hersenen niet de kans krijgt om volledige gedachten te vormen, terwijl daar juist creatieve gedachten en ideeën tot stand komen.

Kortom: Zowel om ziekte te voorkomen als om werknemers hun creatieve vermogens volledig aan te laten boren is het nuttig om dit onderwerp serieus te nemen. 

Burn-out en stress lijken evenwel een moeilijk bespreekbaar onderwerp te zijn op de werkvloer. Werknemers durven het uit eigen initiatief moeilijk naar voren te brengen en hebben het gevoel het zelf op te moeten lossen. Daar ligt een taak voor de moderne werkgever.

 

Het (wets)initiatief

Het wetsvoorstel van Van Dijk speelt op deze problematiek in. Voorgesteld wordt om de Arbeidsomstandighedenwet aan te passen. Die wet regelt de gezondheid, de veiligheid en het welzijn van werknemers. Bijvoorbeeld wordt bepaald dat werknemers recht hebben op 11 uur rusttijd na een dag werken. Daar zou door dit wetsvoorstel dan bijkomen dat zij in die tijd ook het recht hebben om onbereikbaar te zijn tijdens die rusttijd. 

Het bovenstaande verdient enige nuance omdat de Arbeidsomstandighedenwet wel een aantal uitzonderingen regelt, bijvoorbeeld voor werknemers die meer dan drie keer het minimumloon verdienen, of als voor de baan of sector de regels niet gelden (denk aan openbare orde zoals politie).

Doel van het wetsvoorstel is overigens niet om werkgevers te straffen als er berichten na werktijd gestuurd wordt. Het doel is om het gesprek tussen werkgevers en werknemers te starten. 

Wat kunt u als werkgever doen?

Veranderingen in digitalisering vereisen dat werkgevers er meer rekening mee moeten houden dat werknemers voldoende rusttijd hebben en zich meer terug kunnen trekken dan voorheen (ook wel: ‘If we get more digital, we need more ritual’).

Voor werkgevers die inzien dat technostress bij hun op de werkvloer een probleem is of zou kunnen zijn zou het goed zijn om het onderwerp (on)bereikbaarheid (of stress in zijn algemeenheid) bespreekbaar te maken. Wat wordt er wel en niet van werknemers verwacht?

Een voorbeeld:

Duitse bedrijven als Volkswagen en BMW hebben in interne regels vastgelegd dat werknemers buiten werktijd niet hoeven te reageren op e-mails van de baas of collega’s. Bij Volkswagen in sommige gevallen de e-mailserver buiten werktijd op non-actief gezet. Dat gaat ver, en is niet bij elke beroepsgroep mogelijk. Maar het gesprek moet aangegaan worden, en de regels zouden in een document (of handboek) opgeschreven kunnen worden. 

Heeft u vragen naar aanleiding van het bovengenoemde wetsvoorstel of overweegt u bijvoorbeeld om over dit thema bepalingen in een handboek / personeelsreglement op te nemen en wilt u daarover advies, dan kunt u contact opnemen met Citius Advocaten.

 

 

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail